Deflatievrees

​In de eerste weken van het nieuwe jaar was het zeer onrustig op de financiële markten. De aandelenkoersen gingen met zo'n 7 procent omlaag.

De rentetarieven op staatsleningen daalden in de voornaamste westerse landen. De onzekerheid op de markten hing vooral samen met vrees voor een afnemende groei in de opkomende landen en publicatie van tegenvallende cijfers over de Amerikaanse economie.

Recessie VS?
Het bbp nam het afgelopen kwartaal met slechts 0,7 procent op jaarbasis toe; de laagste groei sinds het eerste kwartaal van 2014. De export daalde als gevolg van de waardestijging van de dollar. De industriële bedrijvigheid liep daardoor in de Verenigde Staten de laatste maanden terug. Sommige marktpartijen houden rekening met een recessie in de belangrijkste economie van de wereld. De olieprijs daalde verder en kwam in januari gemiddeld uit op circa USD 27 per vat, 40 procent lager dan een jaar geleden.

De ECB reageerde direct op de recente marktontwikkelingen. De centrale bankpresident Draghi zei na de raadsvergadering van 21 januari dat de inflatie lager dreigt uit te komen dan eerder was voorzien. Hij concludeerde dat het noodzakelijk is om het monetaire beleid 2 maart aanstaande te bespreken en mogelijk te herzien.

De centrale bank zal dan nieuwe prognoses voor de economische groei en inflatie publiceren. Met zijn opmerkingen maakte Draghi duidelijk, dat de rente in maart mogelijk verder wordt verlaagd en dat ook een verruiming van het aankoop-programma een serieuze optie is.

Het argument is opnieuw dat er deflatie dreigt te ontstaan als maatregelen uitblijven. De vraag is of een wat te lage inflatie of zelfs een lichte deflatie schadelijk is en ten koste van alles moet worden vermeden.

Dalende olieprijs
De oorzaak was en is gelegen in een dalende olieprijs en dat is op zichzelf geen ongunstige ontwikkeling. Lagere energieprijzen impliceren immers dat huishoudens meer kunnen besteden aan andere producten en diensten. Het economische effect is vergelijkbaar met een belastingverlaging.

 

Bovendien betekent een geringe deflatie niet noodzakelijkerwijs economische rampspoed. In vier eurolanden – Spanje, Slowakije, Griekenland en Cyprus - was zowel in 2014 als in 2015 sprake van een algemene prijsdaling. De economische groei kwam in deze landen uit op 1,3 procent respectievelijk 2,6 procent, in beide gevallen hoger dan in de eurozone als geheel.

Volgens de huidige prognoses zal de groei in de vier 'deflatielanden' in 2016 opnieuw hoger uitkomen dan in de eurozone als geheel. Daar komt nog bij dat de olieprijs een externe factor is waar het monetaire beleid nagenoeg geen invloed op heeft. De ECB hanteert al sinds juni 2014 een negatieve depositorente en koopt sinds maart 2015 voor aanzienlijke bedragen aan staatsleningen op. Desondanks bleef de geldontwaarding laag.

De centrale bank heeft haar inflatiedoelstelling in 2015 voor het derde achtereenvolgende jaar niet gehaald. Voormalig DNB-president Wellink zei in een interview in september vorig jaar dat hij vermoedt dat de inflatie in de huidige economische omstandigheden wellicht lager uitkomt dan we in het verleden gewend waren. Dat heeft niet alleen te maken met de ontwikkeling van de grondstoffenprijzen, maar ook met toenemende concurrentie als gevolg van de opkomst van aankopen via internet.

Bijstellen inflatiedoelstelling
Hij betwijfelt of een lagere prijs leidt tot uitstel van aankopen. Daar zou nog aan kunnen worden toegevoegd, dat de lonen in het eurogebied door de hoge werkloosheid in de komende jaren waarschijnlijk gematigd zullen stijgen. Deze ontwikkelingen pleiten mijn inziens voor een heroverweging van de huidige inflatiedoelstelling van 'dichtbij maar iets beneden 2 procent'.

De ECB zou zich evenals de Federal Reserve voortaan kunnen richten op de inflatie ongerekend voedsel en energie, de zogenaamde kerninflatie. De centrale bank zou de doelstelling voor de kerninflatie kunnen vaststellen op een wat lager niveau, bijvoorbeeld circa 1 procent. Deze doelstelling is haalbaar en dat komt de geloofwaardigheid van de ECB ten goede. Bovendien behoeft de centrale bank mogelijk minder onconventionele monetaire maatregelen te nemen, waardoor het risico van verstoringen van de economie minder groot wordt.

Trefwoorden: Tags:  

Uw bijdrage

Log in met om uw bijdrage te plaatsen.