Uitvoer eurozone gedaald

  • update:  
  •  
De afzwakking van de economische groei in het eerste kwartaal werd vooral veroorzaakt door de buitenlandse handel.

Inhoudsopgave

Contents

Yes

Het bruto binnenlands product(bbp) van de eurozone groeide het eerste kwartaal conform het voorlopige cijfer met 0,4% k.o.k. tegen 0,7% k.o.k. in het vierde kwartaal van 2017. De uitvoer van goederen en diensten kromp 0,4%, na een flinke toename van 2,2% in het vierde kwartaal. De invoer van goederen en diensten daalde met 0,1%. In het vierde kwartaal van vorig jaar steeg de invoer nog met 1,5%. Ook de investeringen in vaste activa groeiden minder sterk (0,5% in plaats van 1,3%), terwijl de consumptie juist wat sterker toenam, nl. met 0,5% tegen 0,2% in het laatste kwartaal van vorig jaar. De tegenvallende handelscijfers komen op een moment, dat de zorgen over de wereldhandel toenemen. In reactie op de instelling van invoertarieven op staal en aluminium door de Verenigde Staten heeft de EU woensdag besloten tot tegenmaatregelen op een invoerwaarde van EUR 2,5 miljard. Het betreft invoertarieven op een reeks van industriële en agrarische producten. Het afgelopen weekend uitten de leden van de G7 scherpe kritiek op de handelspolitiek van de Amerikaanse regering. President Trump wilde echter van geen wijken weten en besloot zelfs - hoogste ongebruikelijk - zijn steun voor de slotverklaring achteraf in te trekken.  

De markten zijn de afwachting van de bijeenkomst van de ECB-raad van donderdag. De centrale bank koopt momenteel nog EUR 30 miljard aan effecten per maand op. Volgens hoofdeconoom Praet ontwikkelt de inflatie zich in de beoogde richting. Weidmann en Knot pleitten voor een snelle stopzetting van de effectenaankopen na september. Beide centrale bankiers staan bekend als critici van het QE-beleid, maar vormden lange tijd een minderheid in de ECB-raad. Nu lijkt het erop, dat de raad eensgezind zal besluiten om de effectenaankopen terug te brengen. 

   

Standen per 8 juni 2018

3 maanden  10 jaar *)
Verenigde Staten 2,33 (2,32)2,93 (2,89)
Eurozone-0,32 (-0,32)1,00 (0,93)
Duitsland

0,45 (0,37)

Frankrijk0,81 (0,71)
Italië3,26 (2,89)
Spanje1,45 (1,45)
Nederland 0,64 (0,54)
​Eurokoers USD 1,175 (1,167)​

*)  rendementen op staatsleningen, eurozone tienjaars euro swap rate.
 

Grafiek

Eurozone (% k.o.k.)

Economisch nieuws

VERENIGDE STATEN

  • industriële orders, april: -0,8%, 7,4% j.o.j. (maart: 9,1% j.o.j.)
  • inkoopmanagersindex dienstensector, mei: 58,6 (april: 56,8)
  • saldo handelsbalans, april: USD -46,2 miljard (maart: USD -47,2 miljard, herzien van USD -49,0 miljard)
  • uitvoer, april: 9,9% j.o.j. (maart: 9,4% j.o.j., herzien van 8,8% j.o.j.)
  • invoer, april: 8,0% j.o.j. (maart: 9,1% j.o.j., herzien van 8,9% j.o.j.)

CHINA

  • consumentenprijsindex, mei: 0,2%, 1,8% j.o.j. (april: 1,8% j.o.j.) 

JAPAN

  • inkoopmanagersindex dienstensector, mei: 51,0 (april: 52,5)
  • bruto binnenlands product, eerste kwartaal: -0,2%, 1,1% j.o.j. (herzien van: -0,2%, 0,9% j.o.j.)

EUROZONE

  • inkoopmanagersindex dienstensector, mei: 53,8 (herzien van 53,9)
  • inkoopmanagersindex (totaal), mei: 54,1(niet herzien, april: 55,1)
  • bruto binnenlands product, eerste kwartaal: 0,4%, 2,2% j.o.j. (niet herzien)
  • detailhandelsomzet(volume), april: 0,1%, 1,7% j.o.j. (maart: 0,4%, 1,5% j.o.j., herzien van 0,1%, 0,8% j.o.j.)
  • producentenprijsindex, april: 0,0%, excl. energie 0,1%, 2,0% j.o.j. (maart: 2,1% j.o.j.)

DUITSLAND

  • industriële orders(volume), april: -2,5%, -0,1% j.o.j. (maart: 2,9% j.o.j.)
  • industriële productie, april: -1,7%, 2,0% j.o.j. (maart: 1,7%, 4,5% j.o.j., herzien van 1,1%, 3,9% j.o.j.)
  • saldo handelsbalans, april: EUR 19,4 miljard (maart: EUR 21,6 miljard)
  • uitvoer, april: 3,1% j.o.j. (maart: 4,2% j.o.j.)
  • invoer, april: 3,9% j.o.j. (maart: 2,3% j.o.j.) 

FRANKRIJK

  • industriële productie, april: -0,5%, 2,1% j.o.j. (maart: 1,9% j.o.j.)
  • saldo handelsbalans, april: EUR -5,0 miljard (maart: EUR -5,0 miljard)
  • uitvoer, april: 9,5% j.o.j. (maart: 1,2% j.o.j.)
  • invoer, april: 7,1% j.o.j. (maart: 1,5% j.o.j.) 

ITALIE

  • inkoopmanagersindex dienstensector, mei: 53,1 (april: 52,6)
  • detailhandelsomzet(volume), april: -0,9%, -1,5% j.o.j. (maart: 0,7% j.o.j.)

SPANJE

  • inkoopmanagersindex dienstensector, mei: 56,4 (april: 55,6)
  • industriële productie, april: -1,8%, 1,9% j.o.j. (maart: 5,1% j.o.j.)

NEDERLAND

  • industriële productie, april: 0,6%, 5,0% j.o.j. (maart: 3,3% j.o.j.)
  • consumentenprijsindex, mei: 0,4%, 1,9% j.o.j. (april: 1,0% j.o.j.)

 

Agenda

11-6​Italië​industriële productieapril
12-6Verenigde Staten consumentenprijsindexmei
​Nederlandvervolguitgifte 0% staatslening per 15-1-2024
13-6Verenigde Staten bijeenkomst Federal Reserve
producentenprijsindexmei
Eurozone​industriële productie​april
werkgelegenheid​​eerste kwartaal
​14-6​Eurozonebijeenkomst ECB
Nederlandhandelsbalansapril
​Japanbijeenkomst Bank of Japan​
15-6Verenigde Statenindustriële productiemei
consumentenvertrouwen(UvM)​juni
​Eurozonehandelsbalans​​​april
​loonkostenindexeerste kwartaal​
​Nederland​detailhandelsomzet​april

*) herziening
 

Verwachtingen

De wereldeconomie groeit in 2018 en 2019 met ca. 3,9%. In de opkomende landen trekt de groei iets aan. Evenals in voorgaande jaren is de economische groei in Azië het hoogst. Dat is mede te danken aan China, waar in beide jaren een economische expansie van ruim 6 procent wordt verwacht.

Het Amerikaanse economie bbp groeit in 2018 naar verwachting met 2,8%, iets meer dan in 2017. In 2019 wordt een economische groei van 2,0% voorzien. De binnenlandse vraag neemt dit jaar sterk toe. In 2019 zal de groei van de private consumptie afvlakken onder invloed van een teruglopende groei van de werkgelegenheid. De investeringen nemen mede door de wat oplopende rente eveneens wat minder sterk toe dan in 2018. De inflatie loopt licht op naar 2,0% in 2018 en 2,2% in 2019.

De economische groei in de eurozone blijft in 2018 stabiel op 2,3%. In 2019 komt de groei uit op 1,9%.  De groei van de consumptie houdt aan. De groei van de werkgelegenheid neemt wat af. De loonstijging trekt geleidelijk aan, maar blijft gematigd. De investeringen nemen onder invloed van het ruime monetaire beleid sterker toe dan in voorgaande jaren. De inflatie blijft in 2018 stabiel op 1,5%. In 2019 wordt een geldontwaarding van 1,8% voorzien. De groei van de Nederlandse economie vlakt weliswaar af, maar blijft wat hoger dan in de eurozone als geheel.

Economische groei 2016 2017 2018 ​2019
Verenigde Staten 1,52,32,8​2,0
China6,76,96,5​6,5
Japan1,01,71,2​1,0

Eurozone

1,8

2,3

2,3

1,9
Duitsland1,92,22,2​2,0
Frankrijk1,22,02,3​1,9
Italië1,01,51,6​1,0
Spanje3,33,12,5​2,1
Nederland 2,23,22,4​2,5
           
Inflatie *) 2016 2017 2018 ​2019
Verenigde Staten 1,11,72,0​2,2
China2,01,62,4​2,5
Japan-0,10,50,60,7​
Eurozone0,31,51,5​1,8
Duitsland0,41,72,02,3
Frankrijk0,31,21,3​1,6
Italië-0,11,31,01,2
Spanje-0,32,01,4​1,8
Nederland 0,11,31,41,8

*) o.b.v. de consumptiedeflator(Verenigde Staten), de consumptieprijsindex(China en Japan) resp. de geharmoniseerde consumentenprijsindex(eurozone en eurolanden).
 

Rentevisie

Het monetaire beleid van de ECB blijft zeer ruim. De effectenaankopen zullen na september 2018 verder worden verminderd, maar de officiële tarieven blijven onveranderd. De lange rentetarieven lopen in de komende 12 maanden naar verwachting wat op.

ActueelOver een jaar
forward rate

prognose
BNG

3 maanden interbancair

-0,32

-0,17

-0,20

Staat 10 jaar0,640,841,10


Grafiek

 

 

 

Trefwoorden: Tags: Economisch beeld
 

 Content Query